Menu

Degusteren

Het glas

JPEGDe belangrijkste vereiste om bier goed te kunnen proeven en beoordelen is dat het wordt geschonken in aangepaste glazen. Daarvoor gebruik je bij voorkeur de merkglazen. Soms is het aangewezen om ook andere glazen te kiezen, want elk type glas beïnvloedt de waarneming van de aroma’s en de vorming van de schuimkraag.

Pintjes, fluitjes, bollekes, ranke hoge kelken, brede kroezen, cognacglazen, Bourgognekelken, trappistkuipen, Schotse distels, enzovoort... tot ’geleipotten’ toe. België beschikt waarschijnlijk over het meeste uitgebreide assortiment bierglazen ter wereld. Allen horen bij het imago van een bepaald bier.

Een proper glas leidt tot een goede degustatie. Op voorhand dus het glas goed ontvetten met detergent in heet water en naspoelen met zuiver gekoeld water. Glazen voor het degustatiebier worden best afgedroogd met een zuivere doek.

De temperatuur

Bewaar bier altijd op een koele en donkere plaats, als het om een bier met nagisting op fles gaat is het aan te raden deze rechtop te bewaren. Plaats in de mate van het mogelijke het bier 24 uur op voorhand in de koelkast. Dorstlessende bieren smaken het best ongeveer 3°C, terwijl degustatiebieren op 6 à 8°C beter tot hun recht komen.

Het schenken

Een correcte schenktechniek vervolledigt de voorbereiding. Er zijn 2 verschillende technieken naargelang het biertype.

  • Dorstlessend bier : De fles ledigen zonder te ’klokken’, het glas even schuin houden, daarna recht. Het schuim even laten overlopen en schuimbellen verwijderen met een zuiver mes. De schuimresten van de buitenkant van het glas verwijderen en serveren met het label naar de drinker gericht.
  • Degustatiebier: Langzaam inschenken, zonder te ’klokken’. Een mooie schuimkraag en schuimhoed vormen. Een restje bier in de fles laten om eventueel achteraf bij te schenken. Bij bieren met hergisting op fles is het belangrijk dat de ‘fond’ in de fles op de bodem blijft, dit kan door zij die wensen achteraf apart uitgedronken worden.

Nu we eindelijk het glas voor ons hebben staan kunnen we beginnen aan de analyse. Geniet eerst nog eens van het uitzicht, het is immers het resultaat van eeuwenlang vakmanschap en traditie dat in het glas voor je zit.

Uiterlijk

JPEGBeginnen doen we met het uitzicht van het bier. Kleur, schuimvorming en helderheid zijn hulpmiddelen die toelaten om een bier te herkennen. Zij kunnen ons iets vertellen over de ouderdom, de gisting en eventuele additieven.

Een juiste kleurbepaling bekom je door het glas in het invallend licht te houden. Zo onderscheid je blond, amber, bruin, donkerbruin tot zwart, licht- tot donkerroze en rood of bordeaux. Kijk ook even na of het bier helder of troebel is. Ongefilterde bieren blijven altijd min of meer troebel. Soms treedt ook koudetroebel op als het bier te lang in een te koude omgeving heeft vertoefd. De kleur is –behalve bij sommige fruitbieren– afhankelijk van de temperatuur waarop het mouten gebeurde; bleke mout geeft lichte bieren, terwijl donkere, gebrande mout leidt naar zwarte bieren. Ook zijn toevoegingen als karamel, kandij, fruitsappen en –extracten bepalend voor de kleur.

De schuimkraag kan dun of romig zijn, bestaan uit fijne of grove bellen, relatief lang houden of snel inzakken. Ook heeft de schuimkraag een eigen, typische kleur van hagelwit tot lichtbeige en bij sommige fruitbieren zelfs lichtjes rozig getint. Ten slotte kan je uiterlijk het tintelende karakter waarnemen. Is een bier sterk parelend, half parelend of helemaal niet parelend (plat). Stijgen de belletjes op vanaf de bodem, dan kan dit een gevolg zijn van een inkeping in de bodem van het glas.

Aroma’s

JPEGNa de uiterlijke keuring neem je het proefglas in de handpalm en laat je het bier zachtjes langs de wand tollen. Op die manier komen de aroma’s vrij. Bij flessenbier zijn dat meestal de nog resterende aroma’s want de meeste aroma’s ontsnappen tijdens het ontkurken en uitschenken van het flesje. Je kan hierin hop-, mout- en gistaroma’s waarnemen evenals een mogelijk kruidige toets (bv. koriander). In de gistaroma’s kan je ook de fruitige toetsen ontdekken. Uitgesproken en overdreven fruitaroma’s wijzen eerder op het gebruik van coulis en extracten in een fruitbier. Bieren waarin echte vruchten zijn verwerkt leveren doorgaans een meer subtiele en moeilijker herkenbaar aroma en smaak op. Een gebrand karakter ontstaan door het gebruik van gebrande mout (bv. stoutbieren).

SmaakJPEG

Neem een slok en laat het bier door je mond rollen om er zeker van te zijn dat het alle smaakpapillen prikkelt. De verschillende delen van je tong zijn gevoelig voor steeds weer andere smaken. Zolang je het bier in de mond houdt, proef je vooral de zoete en zure smaken, pas bij het doorslikken proef je de bitterheid het best. Adem in en uit door de neus, op die manier komt het aroma in contact met de geurprikkels in het reukorgaan. De basissmaken blijven op de tong achter.

Ingezakt schuim of een naar verhouding grote hap schuim kan een hoge concentratie bitterstoffen bevatten. Proef daarom ook eens apart wat schuim.

Mondgevoel

Heeft het bier veel body, is het volmondig of eerder een droog bier? Is het doordrinkbaar of voelt het zwaar aan? Voelt het zacht en rond aan of eerder prikkelend?

Nasmaak

In tegenstelling tot wijn, die na het proeven wordt uitgespuwd, slik je het bier door omwille van de nasmaak. Die nasmaak vormt immers een essentieel onderdeel van elk bier. In de nasmaak kunnen aroma’s en smaken uitvloeien. Een bepaald aroma kan door de temperatuurstijging in de mond krachtiger worden en veel meer uitgesproken naar voor komen in de nasmaak. Doorgaans zal bitterheid zich veel sterker uiten. Ook de fruitige toetsen die samengaan met een hoger alcoholgehalte komen veel duidelijker naar voor in de nasmaak. Diezelfde nasmaak kan kort of lang blijven hangen.

Welcome

Respect16

Sorry! You must be at least 18 years old to enter this site.

Please enter your birth date below.

Please select your language.